Acht van ons, op het hoogste podium van het land
Een BK-selectie krijg je niet. Die neem je, ergens in mei of juni, op een doordeweekse meeting, met een tijd die op de honderdste seconde precies is. Acht atleten van Zottegem Atletiek hebben dat dit voorjaar gedaan. Dit weekend stonden ze in Luik aan de start van het Belgisch kampioenschap voor cadetten en scholieren. Twaalf keer. Zes van hen liepen, sprongen of streden er beter dan ze ooit hadden gedaan.
En dat begint niet dit weekend. Dat begint op een dinsdagavond in februari, als het miezert en je eigenlijk liever thuis was gebleven. Het begint bij de honderdste keer dat je diezelfde afzet oefent, of de vierde reeks van vier waarvan je benen al na twee genoeg hadden. Op deze leeftijd komt het niet meer vanzelf. Wat erin gaat, komt eruit. Niets meer, en gelukkig ook niets minder.
En niemand doet dat alleen.
Er staan trainers naast die piste. Week na week, ook in de winter, ook op de avonden dat er drie man opdaagt. Zij bouwen het programma op, sturen bij, temperen de te grote ambitie en duwen op het juiste moment. Ze zijn er als het lukt, en, wat zwaarder weegt, ook als het niet lukt.
Er zijn ouders die meerdere keren per week de auto nemen. Naar de training, naar de wedstrijd, naar het BK. Die in de regen staan te wachten en op de terugweg precies het juiste zeggen, of precies niets.
En er is een club die in haar jeugd gelooft. Die daar structuur rond zet, mensen voor vrijmaakt en middelen voor vindt.
Wat er dit weekend gebeurde
Darija Soldo liep vier keer. Op de 100 meter zette ze in de reeks al een persoonlijk record neer (12,36), en toen het er in de finale echt om ging, deed ze er nog een schep bovenop: 12,26 en een zesde plaats van België. Op de 200 meter dezelfde koelbloedigheid: 26,03 in de reeks, 25,76 in de finale, opnieuw zesde. Sneller worden op het moment dat de druk het hoogst is, dat is precies waar je jarenlang voor traint.
Boris De Meyer verbeterde zijn PR twee keer op één dag. Eerst 55,12 in de reeks, wat hem naar de finale bracht. Daarna 54,99. De eerste keer onder de 55 seconden, en dat op een BK-finale. Zevende.
Op de 1500 meter steeple liepen Lenn Van Tricht en Jul Lerouge allebei het beste van hun leven. Lenn vijfde in 4:49,87, Jul achtste in 5:05,29. Wie ooit een steeple heeft gelopen, weet wat die laatste ronde met een mens doet.
Pauline Snoeck ging over 1,55 meter, een persoonlijk record, en werd vijfde van het land in het hoogspringen.
Louise De Groote liep 27,13 op de 200 meter, opnieuw sneller dan ze ooit geweest was. Floor Marchand kwam aan de start van de 300 meter horden in 49,93 en Grim Eeckhout liep de 200 meter bij de scholieren in 23,45. Alle drie op een BK, en dat is op zich al iets waar de meeste atleten van hun leeftijd van dromen.
Acht atleten. Zes persoonlijke records.
Onze atleten liepen, sprongen of streden dit weekend beter dan ooit tevoren. Niet op een gewone zondag ergens op een provinciale meeting, maar op het Belgisch kampioenschap.
Proficiat aan de atleten, aan hun trainers en aan hun ouders. En aan iedereen die er de voorbije jaren mee voor gezorgd heeft dat deze acht daar vandaag konden staan.

